In haar boek Tussenin (uitgeverij Bibliodroom, 2025) schrijft Deniza Miftari over leven tussen twee landen, over een vader die alles opgaf, en over de vraag wiens leed groot genoeg is om gehoord te worden. Een persoonlijk gesprek over herinnering, identiteit en thuis.
Zij is geboren in Kosovo en vluchtte voor de oorlog eind jaren ’90 als zesjarig meisje met haar ouders en broertje naar België. Inmiddels werkt ze daar onder andere als expert op het gebied van diversiteit en inclusie. En ze werkt in een bibliotheek. Terwijl ze dus omringd door boeken zat, heeft ze haar eigen boek geschreven en dat heeft als titel Tussenin.
Ik wilde Deniza graag spreken omdat ik het perspectief van de Kosovaarse diaspora eigenlijk niet zo vaak hoor. En Deniza’s boek is een heel persoonlijk verhaal over haar herinneringen aan vroeger, aan het geweld dat ze net op tijd konden ontvluchten en over wat het betekent om Kosovaars te zijn in de Vlaamse maatschappij. Het boek is ook een ode aan haar ouders die alles hebben opgegeven om hun kinderen een beter leven te geven. Het is een uniek verhaal van enerzijds de Kosovaarse oorlog en een gevolgen daarvan op persoonlijk niveau en anderzijds ook het opgroeien tussen twee culturen.
Waarom wilde je dit boek zo graag schrijven? Waarom was het nodig dat dit boek er kwam volgens jou?
DM: Om verschillende redenen. Ik denk dat mijn voornaamste reden was dat er nog geen boek was over onze ervaringen en over ons verhaal. Er zijn heel veel boeken geschreven vanuit verschillende diaspora en vanuit verschillende gemeenschappen of mensen met een migratie achtergrond. En die heb ik ook altijd gelezen. Ik denk deels, door mijn verhaal is dat ook altijd is geweest wat mij heeft geïnteresseerd. Opgroeien als een Kosovaars meisje in België, heeft mij wel heel erg getekend en heeft uiteraard veel belangrijke beslissingen in mijn leven beïnvloed.
Echter er was nooit ruimte voor op school om het over die oorlog te hebben, dus Ik heb ook heel lang geloofd dat onze oorlog er niet mocht zijn of dat wij of dat onze oorlog niet belangrijk genoeg was of niet erg genoeg was.
Als ik het boek lees, dan denk ik dat er misschien dat er zowel onwetendheid is als ook wel desinteresse. Klopt dat denk je?
Een tweetal of drietal jaren geleden werd ik gevraagd voor een programma op VRT, de Vlaamse radio en televisie omroep, voor een programma over vluchtelingen. Maar er was eerst een intakegesprek. Dus ik vertelde een beetje hoe wij hier hier zijn geraakt en nadien kreeg ik een mail, waarin stond dat, het kwam er een beetje op neer, het verhaal niet impactvol genoeg was. Ik denk dat heel veel mensen zo kijken naar de oorlog in Kosovo en in Bosnië. Omdat er misschien ook wat minder berichtgeving over was in België; ik denk in in Nederland wel meer, maar in België heel wat minder. De effectieve oorlog, het vechten en de bombardementen duurden niet lang, misschien maximum een jaar. Ik heb dat ook altijd zo ervaren dat het niet erg genoeg was.
Je was zes toen je met je ouders vluchtte, je was ook echt wel oud genoeg om het één en ander mee te maken en te begrijpen.
Ja klopt. En zeker als er iets heftigs gebeurt, want die opmerking heb ik ook al gekregen.
Dat een kind dat niet allemaal kan herinneren, zo jong. Dan moet ik altijd wel slikken. Mensen spreken natuurlijk vanuit hun eigen referentiekader. Wat je hen ook niet kan kwalijk nemen. Daarom zijn die verhalen belangrijk om eens inzicht te krijgen. Misschien is dat ook wel een antwoord op jouw vraag van waarom een boek hierover nodig is: om mensen te informeren, maar ook omdat onze generatie nu klaar is om die verhalen te vertellen. En ik denk dat ik één van hen ben. Hopelijk komen er nog heel veel na mij.
Om een impressie te krijgen van het boek, deel ik een alinea die ik heel erg mooi vond. Het gaat erover dat Deniza een broertje kreeg tijdens de oorlog:
Hoewel het niet de beste tijden waren om een gezin te starten, werden we op dat moment voltallig. We waren gelukkig. Ik begreep toen pas echt wat mijn moeder bedoelde met haar antwoord op mijn vraag waarom ze in tijden van oorlog een gezin stichtte. Dat zelfs in de meest uitzichtloze situaties mensen manieren zoeken om betekenis te geven aan hun bestaan, hoe liefde, familie, geboorte, zelfs in tijden van geweld vormen zijn van verzet van hoop. Jullie waren mijn manier om in het leven te blijven geloven, zei ze, niet om het lijden te ontkennen, maar om het niet alles te laten overschaduwen. Gelukkig maar was ik aan een gezin begonnen.
Die woorden zijn me altijd bijgebleven, omdat ik nu begrijp dat het moed vraagt om te blijven kiezen voor het leven, zelfs wanneer de wereld je uitnodigt om enkel bang te zijn. Mijn ouders kozen in oorlogstijd voor liefde, voor toekomst. Misschien is dat wel het moedigste wat je kan doen.
Luister naar het volledige interview met Deniza Maftari op de Balkan Express podcast.
